InfoNu.nl > Mijn kijk op… > Eten en drinken > Restaurantbespreking: Loncin

Restaurantbespreking: Loncin

Het Antwerpse restaurant Loncin staat voor traditie. De zaak werd immers overgedragen van vader op zoon en het is dan ook erg passend dat er lekker kan getafeld worden in een uit 1905 daterend herenhuis. Chef annex wielerliefhebber Frank (zijn zoon is een niet onverdienstelijke renner) zweert bij seizoensgebonden gerechten en wild dat hij bij voorkeur zelf heeft geschoten. Een mentaliteit die we wel mogen, dus beslisten we om hem een bezoekje te brengen.

Interieur

We bezoeken het restaurant een eerste keer net voor het interieur wordt vernieuwd. We besluiten onze fotografe dan ook iets later naar de Markgravelei te sturen, al is er zeker weinig aan te merken op de huidige vormgeving. In veel opzichten voelt het restaurant aan alsof we thuis zijn. De tafels staan ver genoeg van elkaar, de ruimtes zijn vrij sober ingericht en de grote open keuken domineert de vleugel die vroeger de binnentuin was. Tijdens het interview vertelt Frank ons dat er, indien gewenst, zelfs kan gegeten worden in de keuken zelf, maar eigenlijk is dat maar een van de vele voorbeelden van de huiselijke sfeer die zo duidelijk aanwezig is in dit restaurant. Toch begrijpen we waarom er beslist werd om de inrichting aan te pakken, want het kan allemaal net iets knapper, net iets meer uitnodigend en net iets visueel interessanter. Vooral de opvulling van ruimte kan iets beter, maar dat is dan ook al lang opgelost wanneer dit artikel verschijnt.

Ontvangst

We worden ontvangen door gastvrouw Thuline, die met enige trots mag zeggen dat ze bij het rijtje grote restaurateurkoppels van België hoort. Ze is namelijk getrouwd met de chef en beiden vormen dan ook een goed geolied duo. We merken geen kapsones, geen hautain gedrag en geen grove etiquettefouten op. Zelf kunnen we Thuline goed inbeelden in gewone vrijetijdskledij, zonder de hoge hakken die haar typisch stedelijke uitstraling accentueren en er misschien zelfs een beetje mee conflicteren. Dit is zeker iemand waar je snel een ongedwongen babbeltje mee slaat, zoals een groepje bezoekers – vaste klanten? – later ook doet. Wie schrik heeft voor een te stijve bedoening, kan alvast gerust zijn. Wie Comme chez soi gewend is, verwacht misschien meer verfijning, maar wij kiezen met veel plezier voor de lossere maar toch authentiek Antwerpse sfeer die hier hangt.

Menu

We worden eerst getrakteerd op een champagne ‘Loncin’, een premier cru blanc de blancs brut. Voor de leken: ‘blanc de blancs’ betekent eigenlijk gewoon dat de drank uit witte druiven is gemaakt. Nu geldt dat wel voor de meeste witte wijnen, maar voor champagne wordt gewoonlijk (grotendeels) het sap van blauwe druiven gebruikt, terwijl een blanc de blancs enkel witte chardonnay als basis heeft. Met een dergelijke, lekker lichte premier cru kan je natuurlijk moeilijk fout gaan en dus gaan we met veel smaak van start.

Voor we aan het eigenlijke menu beginnen worden er drie amuse gueules opgediend, waarbij het ons onmiddellijk opvalt hoe vers de mousse van bosduif proeft. Ja, we hebben al duivenmousse gegeten die nog vindingrijker was klaargemaakt, maar het lekkere duivenvlees komt toch uitstekend naar boven en dat is het belangrijkste. Ook de keuze van een haast onbewerkte oléronoester kunnen we erg appreciëren. De oesterbanken van Île d’Oléron in Frankrijk horen namelijk niet zomaar bij de beste ter wereld. Het zonnige klimaat en het feit dat de oesters in zoet én zout water kunnen gedijen zorgt voor een uitstekende kwaliteit en ondanks het feit dat er op ons menu niet precies vermeld staat om wat voor holle oester het hier gaat, lijkt de kraag op de schelp ons erop te wijzen dat onze oesters zich wel een poosje in een claire hebben bevonden. Tenslotte is onze bisque misschien geen wereldgerecht, maar het is net bij het klaarmaken van dit soort hapjes dat veel chefs de mist ingaan en dat overkomt Frank zeker niet. De combinatie tussen duif, oester en bisque lijkt ons niet helemaal optimaal, maar blijkt toch te werken.

Er wordt gevolgd met een slaatje van foie gras en langoustinestaartjes met truffels. Ook hier merken we op dat Frank graag zo zuiver mogelijk werkt. Wie enkel krokant gebakken foie gras mag, zal wellicht iets meer moeite hebben met dit gerecht, maar de kwaliteit is wel weer op de afspraak, terwijl de langoustinestaartjes en de truffelvlokjes de harmonie niet verstoren. Een gespecialiseerd truffelrestaurant serveert zeker nog geslaagdere truffelgerechten, maar wij houden wel van het feit dat er werd gekozen voor een licht verteerbare gang met lekkere garnituur.

Het volgende gerecht dat wordt aangerukt is een grietfilet met een geslaagde sabayon van mosterd en tomaatjes die de vis erg goed complementeert. De sabayon is misschien een beetje dik en zwaar, maar overheerst toch net niet teveel, terwijl de grietfilet gewoonweg overheerlijk is. De lichte kleur verraadt dat het hier om griet en niet om tarbot gaat, terwijl het vlees lekker mals is. Tarbot smaakt overigens sterker en zou mogelijk iets meer een onnodig
gevecht hebben aangegaan met de saus. Voor ons is dit alvast de beste en smakelijkste gang!

Al snel moeten we onze mening echter herzien, want ook de reebok met verse tijm die volgt, toont Franks toewijding aan kwaliteitsvolle hoofdbestanddelen. We treffen geen voorspelbare sauzen aan op ons bord, maar wel een mooi afgerond gerecht met uitstekend klaargemaakt, fantastisch reebokvlees.

Er wordt in schoonheid afgesloten met een ‘ïle de maison’ met fruit en frambozensiroop, een mooi gepresenteerd en vrij zoet, smakelijk dessert dat er niet in slaagt om ons naar de hoogste sferen te brengen, maar dat wel erg lekker is en meer dan voldoende bestaansrecht heeft.

Overigens is de wijn die eerst geserveerd wordt een Château la Fleur de Grela uit 2006 van de Côtes de Blay, een toegankelijke witte wijn die ook voldoende neus biedt voor kenners en onze eerste gerechten heel goed accentueert.

Daarna volgt een sublieme rode Clos de May uit het voor dat domein uitstekende wijnjaar 1999, een Haut-Médoc waarin we zowel cabernet-sauvignon als merlot in menen te herkennen. Deze diepgekleurde wijn is elegant en tegelijkertijd mooi gestructureerd, met een erg fruitig parfum en een fluweelzachte finale.

Overigens leert een blik op de wijnkaart ons dat er consequent wordt gekozen voor kwaliteitsvolle Franse wijnen. De selectie is duidelijk gemaakt door iemand met verstand, want missers kunnen we zelf niet terugvinden.

Sommige chefs tonen hun kunde in het bereiden van allerlei kleurrijke gerechten, anderen proberen de grenzen van het bekende af te tasten, terwijl hun collega’s vooral vernieuwend willen zijn of allerlei op het eerste gezicht conflicterende smaken met elkaar proberen te huwen. Frank toont zijn kennis niet in de meest creatieve gerechten, maar zijn keuze voor kwaliteit zorgt wel voor gerechten die op hun manier de stempel van de chef met zich meedragen. Restaurant Loncin behoort tot een bijna uitgestorven soort in Antwerpen, waar de trendy eetgelegenheden met designmeubelen en loungesfeer als paddenstoelen uit de grond schieten, maar heeft zeker bestaansrecht. Top drie in ’t Stad is dit niet, maar achter Anderlecht en Club Brugge weten ook andere clubs wel eens te verrassen en Franks restaurant zal haast zeker nooit wegzakken naar de grijze middenmoot. Wie in Antwerpen lekker (Frans) wil gaan eten, weet alvast waar naartoe.

Interview

Na het eten schuift de eigenzinnige chef Frank bij ons aan tafel, de start van een boeiend gesprek.

Jullie gaan het interieur van de zaak veranderden [de foto’s tonen al het nieuwe interieur]. Wat maakt dat jullie er na zeventien jaar voor kiezen om dat te doen? Hebben jullie trouwens bewust gekozen voor deze locatie? De sfeer van dit oude herenhuis draagt immers heel wat bij tot de eetervaring.


Na al die tijd kijkt ons vaste cliënteel niet meer op van het interieur zoals het nu is, wat betekent dat het tijd is voor verandering. Dit pand was trouwens oorspronkelijk een functionele keuze. Wij hadden vroeger een restaurant in de Tolstraat, waar de keuken zich in de kelder bevond. Hierdoor moest het eten telkens naar boven worden gebracht via de trap. Na een tijdje krijg je daar genoeg van. Mijn vrouw en ik zijn toen beginnen uitkijken naar een gebouw waar de keuken op het gelijkvloers kon worden geïnstalleerd.

Jullie restaurant is qua setting eerder klassiek. Sinds een aantal jaar lijken restaurants in Antwerpen echter vaak te mikken op een trendy decor. De kwaliteit van wat je op je bord krijgt, lijkt dan van minder belang te zijn. Het interieur en de sfeer zitten dus goed, maar het eten had beter gekund. Merkt u ook iets van deze evolutie? En wat vind je vooral belangrijk als het gaat om een goed restaurant?

Dat zou volgens mij in de eerste plaats het eten moeten zijn, maar dat is inderdaad lang niet altijd het geval. Volgens bepaalde reclamebureaus zou iets als parkeergelegenheid zelfs de belangrijkste factor zijn om als restaurant cliënteel te lokken. Ik vind dat een trieste zaak. Loncin probeert ook bewust geen trendy restaurant te zijn. Smakelijke gerechten serveren primeert bij ons nog steeds.

Hoe zou je jouw keuken omschrijven?

Ik vind het moeilijk om op die vraag een eenduidig antwoord te geven. Je zou onze keuken misschien het best kunnen beschrijven als een lichtere, toegankelijkere versie van de klassieke , Franse keuken. Onze gerechten modern noemen, zou een brug te ver zijn.

Vind je het belangrijk om vast te houden aan dat klassieke?

Absoluut. Ik ben niet thuis in de moderne keuken en ben ook niet van plan me daarin te verdiepen. Als ik zelf ergens zou gaan dineren, zou ik het ook appreciëren mocht ik gewoon vlees of vis met een goed klaargemaakt garnituur erbij krijgen. Ik wil geen gerechten serveren waarbij je bijna niet kunt herkennen wat je eet. Hiermee bedoel ik niet dat moderne gerechten niet lekker kunnen zijn. Ik vraag me wel af waar de grens ligt, hoever bepaalde koks daarin willen gaan voor men niet eens meer van gastronomie kan spreken.

Je serveert wel iets zoals postduifmousse, wat als hedendaagse toets overkomt. Heel wat trendy restaurants blijken dit immers tegenwoordig te serveren. Mousses bestaan natuurlijk al langer dan vandaag , maar toch worden ze tegenwoordig vaak verkocht als modern.


Zoals ik al zei is dat absoluut mijn bedoeling niet. Ik twijfel er zelfs sterk aan of de moderne keuken binnen een tiental jaar nog zal bestaan. Zulke gerechten zijn immers eerder geschikt om eens een keertje te proberen en niet zozeer om regelmatig te eten. De klassiekere kookkunst leent zich daar wel toe. Mensen die bijna elke dag op restaurant gaan, zullen daar dan ook eerder voor kiezen.

Heel wat topchefs zouden je gelijk geven, aangezien zelfs een restaurant als El Bulli er sinds kort voor kiest om iets meer traditionele invloeden in de gerechten te vermengen. De reden hiervoor is natuurlijk ook dat men op heel wat plaatsen doorslagjes serveert van hun menu’s. Zo is het vernieuwende er natuurlijk snel af.


De vroegere ‘Nouvelle Cuisine’ is op dezelfde manier ook ruisloos terug verdwenen. Daar valt de huidige situatie misschien dan ook mee te vergelijken.

Bij heel wat mensen leeft dat idee echter nog steeds. Het grote publiek is er nog steeds van overtuigd dat men op restaurant veel betaalt om bijna niks te eten te krijgen, terwijl men bezwaarlijk kan zeggen dat men hier met een hongergevoel buitengaat.

Ik heb er dan ook geen idee van waarom dat wel zou moeten. In vergelijking met wat men in de media soms te zien krijgt als men het over restaurants heeft, is onze keuken misschien zelfs een beetje zwaar. Zo hoort het volgens mij ook, je gaat niet op restaurant om honger te lijden.

Sommige gerechten waren dat inderdaad, maar over het algemeen vond ik zeker niet dat je daarin overdreef. Wat me ook opviel, is met hoeveel respect je omgaat met eten. Zo was de manier waarop je de oesters serveerde heel sober, waardoor ze wel perfect tot hun recht kwamen. Ik had de indruk dat je de aandacht niet wou afleiden van het hoofdingrediënt.

Ik vind inderdaad dat het geheel niet overdadig moet worden. Het basisproduct staat binnen mijn keuken centraal en daar werk ik mee verder. Meestal werk ik dus rond een overheersende smaak.

Het viel me op dat wanneer er dan wel rond twee smaken wordt gewerkt, bijvoorbeeld bij de combinatie tussen de langoustines en de zwarte truffel, deze opvallend complementair zijn. Dat zoeken naar evenwicht zag ik ook terug op vlak van andere aspecten, bijvoorbeeld op vlak van textuur. Even iets anders: waar heb je jouw ervaring opgedaan?

Ik heb lang geleden twee jaar lang bij Comme Chez Soi gewerkt. Ik heb natuurlijk ook heel wat van de traditionele stages achter de rug, bijvoorbeeld bij La Chèvre D’or, zoals heel wat koks. Het is dan ook een van de ontegensprekelijke toppers aan de Côte d’Azur. Al tijdens mijn opleiding had ik de ambitie om in een kwaliteitsrestaurant te werken. Ik vond het daarom noodzakelijk om dit soort ervaringen op te doen. Niet iedereen binnen de kokopleiding start met hetzelfde doel. Momenteel is het dan ook zo dat men zich verregaand kan specialiseren Vroeger had men die mogelijkheid niet en werd men meer algemeen gevormd. Ik weet eigenlijk niet zeker of het ene systeem beter werkt dan het andere.

Heel wat scholen hebben vandaag de dag te kampen met leerlingen die niet eens weten hoe ze een vis moeten fileren. Het lijkt dan ook alsof heel wat mensen met de verkeerde motivatie beginnen.

Er is lang een soort tendens geweest om je kinderen naar de hotelschool te sturen , gewoon omdat je niet wist wat ze anders met hun leven zouden moeten doen. Meestal draait zoiets natuurlijk niet goed uit. Het is immers geen gemakkelijke sector. Je moet er heel wat voor over hebben. Het werken tijdens de weekends op zich al spreekt niet veel mensen aan.

Je werkt hier samen met jouw echtgenote . Dit lijkt vaak heel goed te werken, maar bij andere koppels zorgt het dan weer voor spanning.

Mijn vrouw heeft ook een opleiding gevolgd aan de hotelschool en is dus helemaal thuis in het restaurantwezen. Haar vader had zelf een restaurant, dus eigenlijk kent ze de kneepjes van het vak al van kinds af aan. Onze samenwerking verloopt dan ook perfect. Volgens mij is het veel moeilijker om alleen je eigen restaurant te runnen. Daar zou ik niet aan willen beginnen.

Je werkt met een beperkt aantal personeelsleden, waarom?

Ik doe graag zo veel mogelijk zelf, samen met mijn vrouw. Ik heb wel personeel, maar ik probeer hun aantal zo beperkt mogelijk te houden. Ik kan op die manier zo’n 40 couverts aan. Dat vind ik genoeg. Hoe meer personeel je hebt, hoe minder controle je hebt. Als je bijvoorbeeld met vijf koks werkt, weet je niet of de kwaliteit van wat je keuken verlaat altijd voldoet. Je kunt hen immers niet voortdurend in het oog houden en niet proeven wat ze aan het bereiden zijn.

Ik kan me voorstellen dat zo’n kleine ploeg een enorm gevoel van vrijheid geeft
.

Dat is absoluut waar. Als ik zin heb om het restaurant een paar dagen te sluiten, doe ik dat. Zo ga ik in november altijd een paar dagen naar de Ardennen om te jagen. Ik moet me tegenover niemand verantwoorden. Ik werk dan ook vaak op zondag tijdens de zomerperiode. Het is voor mij niet meer dan normaal dat ik me tijdens andere periodes wat mag ontspannen.

Serveer je het wild dat je schiet?

Het merendeel ervan serveer ik tijdens de wintermaanden. Ik vind dat zoiets een bepaalde meerwaarde geeft aan de gerechten die ik klaarmaak. Het nadeel is wel dat er dan natuurlijk geen onbeperkte voorraad van is. We vermelden dat ook op het menu. Mijn klanten vragen me altijd hoe het komt dat de fazant die ik opdien van zulke betere kwaliteit is als die van andere restaurants. Wat daar als wild wordt gepresenteerd, is dat dan ook niet altijd. Het merendeel van het wild wordt dan ook nog eens geïmporteerd uit het buitenland, aangezien de wetgeving hier nogal moeilijk in elkaar zit.

Frustreert het u niet dat de wetgeving het je zo moeilijk maakt om echt Ardeens wild te serveren?

Ik vind het absurd dat de huidige wetgeving het je onmogelijk maakt je eigen vlees te kuisen. Je vindt zelfs bij geen enkele poelier in Antwerpen wild dat in de Ardennen geschoten is. Het merendeel van het huidige aanbod komt uit Nieuw-Zeeland. Dat wordt ’s zomers geschoten en gekoeld, wordt dan opgestuurd en zou zo’n vier maanden goed blijven. Ik heb sterk mijn twijfels bij de kwaliteit van dat vlees. Je kunt het hen echter niet kwalijk nemen, natuurlijk. Het is veel gemakkelijker om met dat soort kant-en-klare producten te werken, dan wanneer je al de nodige vergunningen moet aanvragen en gekwalificeerd personeel moet zoeken om het wild zelf te gaan schieten. Ik ga er persoonlijk van uit dat iemand die zijn wild zelf kuist, weet wat hij doet, aangezien niemand daar voor zijn plezier zou aan beginnen. Iemand die niet de nodige kennis van zaken heeft, zou zich daar niet aan vergrijpen. Er wordt een beetje overdreven qua hygiënevoorschriften. Een geschoten haas die bijvoorbeeld op de grond gevallen is, zou niet meer goed zijn. Die dieren brengen toch hun hele leven op de grond van het bos door? Men vindt op de ministeries elke dag wel iets nieuws om op te vitten.

Zo mag een geschoten everzwijn ook niet over de grond gesleept worden. Draag zo’n beest maar eens! Men staat er niet bij stil welke praktische problemen dat met zich meebrengt.

Hebben jij en jouw echtgenote kinderen? Zo ja, zou je willen dat zij in jouw voetsporen treden?

Wij hebben een zoon, maar het ziet er niet naar uit dat hij de zaak zal overnemen. Ik zou hem daar zelf ook niet mee willen opzadelen. Wie weet hoe de sector er uitziet binnen tien à vijftien jaar? Het wordt er in ieder geval niet gemakkelijker op. Op Europees niveau is er een voorstel om ons van elk gerecht de voedingswaarde te doen inventariseren. Moeten wij ons daar echt mee bezig houden? Begin het aantal calorieën van elke schotel maar eens te berekenen! Als je dan een foutje maakt, zou je ook nog eens een boette kunnen krijgen. Ik vind zoiets absurd.

Heb je eigenlijk nog concrete toekomstplannen voor Loncin?

Ik wil gewoon mijn boterham verdienen en doen wat ik graag doe, dat is het enige. Voor een ster ga ik niet, aangezien deze alleen haalbaar lijkt te zijn voor restaurants met een moderne keuken. Voor mij hoeft het niet. Ik heb enkele van hun medewerkers zelfs eens uit mijn restaurant gezet. Ik heb dan ook vaak het gevoel dat het bij Michelin niet enkel gaat om het culinaire aspect.

Ik ben het ook niet altijd eens met de manier waarop men sterren uitdeelt. Zo lijkt het alsof er per regio maar een bepaald aantal sterrestaurants mogen zijn.

Wanneer een restaurant van chef verandert, worden de sterren ook afgenomen, wat natuurlijk vaak geheel onterecht is. Men staat er niet bij stil wat dat voor zo’n restaurant kan betekenen. Mensen besteden daar immers veel aandacht aan, misschien zelfs teveel. In de media wordt er ook enkel aandacht besteed aan restaurants met een ster. Een ding is voor mij in ieder geval zeker : de Belgische topgastronomie is aan het verdwijnen.

Hoe komt dat volgens jou?

De oude garde van topchefs stopt er stilaan mee en het is moeilijk om hen te vervangen. De jongere generatie ziet het steeds minder zitten om in deze harde sector mee te draaien. Ik geef hen in ieder geval geen ongelijk. Het is bijna onmogelijk geworden om rustig je eigen ding te doen.

Ik ben onlangs nog ergens gaan eten waar de chef toegaf niet altijd zijn gastronomische zin te kunnen doen, gewoon omdat hij met teveel couverts zit. Hij moet met pijn in het hart buigen voor het commerciële aspect van het restaurantwezen, anders zou hij gewoon failliet gaan. Hij probeert dan maar dingen te serveren die iedereen wil eten, met hier en daar een gastronomische toets.

Dat is iets waar zowat alle chefs op dit niveau mee te kampen hebben. De concurrentie met nieuwe restaurants is dan ook moordend. Zo kan het niet meer verder. Ikzelf ben nog maar 43 jaar, dus ik zie Loncin nog niet direct verdwijnen, maar uiteindelijk ...

Wil Loncin voor bepaalde waarden staan?

Wij willen vooral een kwaliteitsvolle keuken aanbieden. Bepaalde restaurants denken het te kunnen redden door bij wijze van spreken overal balsamico over te gieten, maar wij bieden meer dan dat. Ons restaurant heeft de reputatie duur te zijn, maar dat zijn we niet. Door het klassieke, stijlvolle interieur komt onze zaak misschien prijzig over, maar schijn bedriegt. Bij sommige restaurants zie je net het omgekeerde. Ze komen goedkoper over door hun modernere interieurs, wat hen toegankelijker maakt. Ik heb dan ook voornamelijk een ouder cliënteel.

Mensen vergeten vaak waar ze voor betalen op restaurant. Wanneer je naar de film gaat en daarna met je vriendin nog iets gaat drinken, ben je ongeveer evenveel geld kwijt. Men beseft niet altijd dat zo’n restaurantbezoek gemakkelijk drie uur kan duren en dat je dus wel degelijk waar voor je geld krijgt. Je geniet echt van het eten en van de wijn en misschien drink je zelfs wel meer dan je op café zou doen.

Het lijkt enkel alsof het prijsverschil enorm is. Wat me vaak opvalt, is dat er een soort magische grens is van rond de vijfenzeventig euro. Daarboven wordt een avondje op restaurant als duur beschouwd. Om rendabel te zijn, zou ik echter meer moeten vragen. Je moet rekening houden met het feit dat een fors deel van de prijs uit btw bestaat , dat de elektriciteit en de verwarming ervan moeten worden betaald, dat het personeel zijn loon moet krijgen,... De prijzen op restaurant zijn al tien jaar hetzelfde, terwijl alle andere prijzen stijgen. Eigenlijk klopt dat niet.

Gegevens

  • Restaurant Loncin
  • Markgravelei 127
  • Antwerpen
  • www.loncinrestaurant.be
  • E-mail: info@loncinrestaurant.be
  • Telefoon: +32 (0)3 248 29 89
© 2008 - 2017 Dvandereyken, het auteursrecht van dit artikel ligt bij de infoteur. Zonder toestemming van de infoteur is vermenigvuldiging verboden.
Gerelateerde artikelen
Restaurants en gastronomie in DuinkerkeDuinkerke is een gezellige Franse stad die net over de grens van België ligt. De sfeer is er levendig en de restaurants…
Wie is Jeroen Meus?Jeroen Meus is een Vlaamse kok die dagelijks te zien is in zijn eigen programma op Eén (Belgische televisie). Hij genoot…
Vrouwen: waarom een glaasje wijn goed voor je isVrouwen: waarom een glaasje wijn goed voor je isDe effecten van een glaasje wijn op het lichaam van vrouwen zijn volgens wetenschappelijk onderzoek zo gek nog niet. Wat…
Recepten van Alain PassardRecepten van Alain PassardHoe dicht kunst en koken bij elkaar liggen wordt meteen duidelijk, als je het kookboek Recepten van Alain Passard doorbl…
The Sims 4: De vaardigheden koken, mixen en gourmet kokenThe Sims 4: De vaardigheden koken, mixen en gourmet kokenOm te overleven moet je sim leren koken. Dit zal aan het begin van het spel The Sims 4 zeker niet meevallen. Het eten ka…

Reageer op het artikel "Restaurantbespreking: Loncin"

Plaats als eerste een reactie, vraag of opmerking bij dit artikel. Reacties moeten voldoen aan de huisregels van InfoNu.
Meld mij aan voor de tweewekelijkse InfoNu nieuwsbrief
Infoteur: Dvandereyken
Gepubliceerd: 14-07-2008
Rubriek: Mijn kijk op…
Subrubriek: Eten en drinken
Mijn kijk op…
Deze rubriek bevat artikelen welke naast objectieve informatie ook een mening en/of ervaring beschrijven.
Schrijf mee!